Archibelge!

Sofie Benoot, Gilles Coton & Olivier Magis

Info

une série de documentaries de Gilles Coton, Sofie Benoot et Olivier Magis
Avec le support du Flanders Audiovisual Fund, Screen Flanders et Enterprise Flanders, le centre du Cinéma et de l'audiovisuel de la Fédération Wallonie-Bruxelles, Wallimage/ Bruxellimage, le programme Media de la Communauté Européenne.

Archibelge! fait l’objet d’un documentaire de création en trois volets (3 x ’52) proposant un regard particulier sur la manière de penser et de vivre dans l’architecture belge classique. Nous voyageons à la campagne, en ville et rejoignons la côte belge, à la recherche de constructions particulières décrites par des personnes qui les utilisent tous les jours.

Credits

1 / BRUXELLES OU LA QUÊTE D'AILLEURS

réalisation:  Olivier Magis
auteurs: Gilles Coton, Sofie Benoot,Olivier Magis et Frederik Nicolai
caméra: Joachim Philippe, Jean-Francois Metz & Jonathan Wanyn
montage: Mathieu Pierart & Tom Denoyette
ingénieur de son: Rainier Buidin & Guillaume Berg

2 / LA CHAUSSÉE

réalisation: Sofie Benoot
auteurs: Gilles Coton, Sofie Benoot et Frederik Nicolai
caméra: Jonathan Wanyn
montage: Tom Denoyette
ingénieur de son: Gedeon Depauw et Kwinten Van Laethem

3 / LA CÔTE, VUE SUR MER

réalisation: Sofie Benoot
auteurs: Gilles Coton, Sofie Benoot et Frederik Nicolai
caméra: Grimm Vandekerckhove
montage: Tom Denoyette
ingénieur de son: Kwinten Van Laethem

Press

Preview Archibelge in De Wereld Draait Door (6 mei 2015 - VARA)

Trouw (Nederland)
Het valt niet mee om Belg te zijn. Dat vermoedde u waarschijnlijk al, maar het is nu dubbel en dwars bevestigd door de tv. Er wonen de dikste mensen, en het is de lelijkste staat ter wereld. Over dat laatste ging het in ‘De wereld draait door’. Aanleiding was een nieuwe serie op Canvas: ‘Archibelge, het lelijkste land’.
Die reeks trapte overigens genuanceerd af. Brussel (want daar draaide aflevering één om) is een spiegel van de menselijke ziel, vond schrijver Thierry Demey. “De stad reflecteert de dingen die ons optrekken en die ons neerhalen.”
In ‘DWDD’ legde NRC-hoofdredacteur Peter Vandermeersch uit waarom het in zijn vaderland zo’n ratjetoe aan bouwstijlen is. “België is altijd bezet geweest, en daardoor hebben wij totaal geen idee van publieke ruimte. Mijn woning is modern, maar die van mijn buurman is opgetrokken in Oostenrijkse stijl.”
Volgens Vandermeersch is het ergste scheldwoord voor een Brusselaar ‘architect’. “Omdat zij onze hoofdstad hebben beroofd van haar sociale weefsel en haar identiteit.”Auteur Dimitri Verhulst kwam met een praktisch voorstel: “We moeten onze lelijkheid uitventen als toeristische troef.”
Waarom is het zo troostend om te kijken naar Vlamingen op tv? Niet alleen omdat zij zo schoon spreken, om het maar even op z’n Vlaams uit te drukken, maar ook vanwege hun berusting, zelfspot en relativering. Ze aanvaarden het menselijk tekort met een gelaten glimlach. “Je kan de aanblik van lelijke bouwkunst vermijden door er zelf in te gaan wonen”, klinkt het in ‘Archibelge’. Ach, in een land waar ‘architect’de ernstigste beschimping is, kan het nooit slecht toeven zijn.

Het geluk van bouwen naar eigen inzichten (Hans Beerekamp - NRC Handelsblad (Nederland) 7 mei 2015
Het heeft vaak iets ongemakkelijks, die pogingen om de verschillen tussen België en Nederland te verklaren – alsof een gemeenschappelijke taal een automatisch gedeelde cultuur zou impliceren.
Gisteren knetterde het in maar liefst twee talkshows: op basis van een weinig overtuigend rapport werd in Pauw de verwachting uitgesproken dat van zeven Europese landen Nederland het laagste en België het hoogste percentage vrouwen met overgewicht te wachten stond. De dictatuur van de frituur? Een paar centimeters lengte minder? Nee, bioloog Midas Dekkers vermoedde dat het verschil te maken zou hebben met katholicisme versus protestantisme, want we kennen allemaal pastoors met een dikke buik en graatmagere dominees.
Grappig is ook dat in zulke beschouwingen altijd de onuitgesproken vraag ligt besloten naar morele superioriteit. Toch was ik heel blij met de aanwezigheid van twee Vlaamse romanschrijvers en een journalist in De Wereld Draait Door om de vraag te beantwoorden of België echt het lelijkste land ter wereld is. De aanleiding vormde namelijk een documentaireserie op Canvas waarin die stelling daadwerkelijke ter discussie staat. En Archibelge, een Waals-Vlaams-Brusselse coproductie van regisseur Olivier Magis, kan niet genoeg publicitaire aandacht krijgen.
In drie delen (Brussel, de kust en de steenwegen op het platteland) verkent Magis de eigenaardigheden van de bebouwing van zijn land. Het aangename is dat de vormgeving – een grabbelton van archiefbeeld, interviews, utopische pleidooien, soms bijna abstracte plaatjes van gevels en interieurs – net zo eclectisch en surrealistisch aandoet als het onderwerp.
Brussels straatbeeld in ‘Archibelge’ (Canvas). Want meer nog dan de anarchie van de burger die zijn overheid niet vertrouwt en al sinds Poelaert het enorme Justitiepaleis in Brussel bouwde van ‘architect’ een scheldwoord maakte, is het eigenzinnige bouwen een kwestie van surrealisme, meer Magritte en Hergé dan opstandigheid. De Duitse kunstenaar David Helbich, die ongerijmde Belgische straatbeelden verzamelde, beschrijft het gevoel in het eerste, Brusselse deel van Archibelge : „Niemand heeft hier ooit opgeruimd, voordat je komt.” Dat is niet wat huisdichter Nico Dijkshoorn in DWDD „de schoonheid van goudeerlijk, ontroerend verval” noemt, maar een weldadige afwezigheid van de Nederlandse behoefte aan ordening, aanharken en van bovenaf stroomlijnen.
Individualisten, ongeacht hun paspoort of religie, worden altijd gelukkig, als ze de grens overschrijden en de kasseistroken, de rails van allang niet meer rijdende trams, de reclameborden en de lintbebouwing weer voor zich zien oprijzen.
Wat ik ook leerde van Archibelge is dat Brussel door veel mensen van buiten de stad als vies en gevaarlijk ervaren wordt: niet omdat dat zou kloppen, maar omdat voorstadbewoners net als overal elders de Stad vrezen. En ook dat er nu al zoiets bestaat als ‘de Bakfietsvlaming’, die zich wel in de nieuwe stadsomgeving waagt. Misschien eet die ook meer ‘groentjes’ dan sauce tartare.

Humo -review aflevering Brussel op zoek naar zichzelf
En toch. 'Het lelijkste land': zo luidt de ondertitel van 'Archibelge'. Een naamgeving waar vast wel enige zin voor drama is bij komen kijken, maar in de eerste aflevering van het drieluik werd er alvast weinig aan ironie gedaan. Brussel, hoofdstad van onze gemeenschappelijke morzel, werd als eerste onder de loep gehouden. En dat er in good old Broekzele weinig schilderachtigs te bekennen valt, hoeven we u vast niet te vertellen. De doorsnee Belg is dan ook bekend met Brussel, zo werd uitgelegd, maar dan als transitplaats - als koppelteken in de vleugellamme term 'woon-werkverkeer'.
Brussel is een stad op zoek naar zichzelf, klonk het in de voiceover. Aan de basis lag naar verluidt Leopold II, die Brussel wou volbricoleren als de hoofdstad van zijn imperium, maar geen eigen stijl had - toen je het vernam ging je die Leopold nog minder vinden deugen dan al het geval was. Opgewekt werd je niet van 'Archibelge': België was een ongeluk van de wereldgeschiedenis, zonder eigen identiteit. Een melting pot van buitenlandse invloeden was het accidentele gevolg, en al die invloeden hadden ook hun eigen bouwstijl meegebracht. We zagen ze uitgebreid voorbijkomen in 'Archibelge', stillevens in hoofdstedelijk grijs - pas als er iemand door het beeld liep, besefte je dat je niet naar een foto zat te kijken.
Zo kwam het dat in de jaren zeventig Brussel twee eigen WTC-torens kreeg. 'Naar Amerikaans model', sprak zo'n pief opgetogen in zwart-wit. Het vooruitgangsoptimisme straalde ervanaf. Dat optimisme hield toen ook in dat zo'n 14.000 mensen moesten verhuizen om plaats te maken voor de torens. Eén van hen was onder auspiciën van de camera teruggekeerd naar de torens, die zo'n veertig jaar later heel wat minder optimisme stonden te verkondigen. 'Dit zou de wijk van de toekomet worden, vertelden ze ons', zo zuchtte ze. De gangen rondom haar waren leeg, en ze leek zich bekocht te voelen.
Toen daagde het: 'Archibelge: het lelijkste land' ging niet per se over spuwlelijke bouwsels, maar ook vooral over de schepsels die zich er op dagelijkse basis tussen voortbewegen - u en wij - en wat die bouwsels te zeggen hebben over wie ze er neergepoot heeft.
Voor wie zat te kijken om gewoon te lachen met lelijke huizen vertoonde de eerste aflevering van 'Archibelge' wellicht iets te veel zijsprongetjes, maar wie tussendoor iets wou bijleren over zichzelf bleef gewoon waar hij was - in een niet nader genoemde sofa, in het lelijkste land.
Quote
'De Brusselaar is niet gecultiveerd. Maar dat is niet zijn schuld, hij hééft gewoon geen cultuur'.


DeMorgen -review uitzending De Wereld Draait Door
"Onze architectuur is onze meest geslaagde vorm van meertaligheid"
De driedelige documentairereeks 'Archibelge', waarin Sofie Benoot het wanordelijke lappendeken der Belgische architectuur onder de loep neemt, zorgde de laatste dagen al voor redelijk wat commotie. De vraag of België al dan niet het lelijkste land ter wereld genoemd mag worden - en of dat dan erg is - doet de meningen danig uiteenlopen.
Schrijfster Griet Op de Beeck lijkt de schoonheid van het bonte, maar karaktervolle Belgische stedelijke landschap wel in te zien. "Ik omarm de zogenaamde lelijkheid van onze architectuur volkomen", zei ze vanavond in De Wereld Draait Door op Nederland 1. "Het is toch heerlijk om zien hoe mensen zichzelf proberen uit te drukken door een zalmroze gevel of een foute tuinkabouter in de voortuin."
Ook schrijver Dimitri Verhulst kan de diversiteit van onze ruimtelijke ordening wel smaken. Volgens hem is onze architectuur dan ook "onze best geslaagde vorm van meertaligheid." In een land waar solidair samenleven door culturele en talige verschillen van tijd tot tijd al eens danig wordt uitgedaagd, kan het bonte allegaartje van keurig langs elkaar huizende gevels, misschien wel het goede voorbeeld geven.

Geschiedenis
Dat de ruimtelijke ordening in België - in tegenstelling tot de ordentelijk
georganiseerde Nederlandse eenheidsworst - er al eens wat diverser en minder esthetisch durft uitzien, heeft volgens Peter Vandermeersch, hoofdredacteur van NRC Handelsblad, overigens veel te maken met de geschiedkundige achtergrond van onze natie. "In tegenstelling tot Nederland is België in de loop der eeuwen vrijwel altijd bezet gebied geweest." Belgen hebben dan ook veel minder dan Nederlanders de neiging om de publieke ruimte als hun (gemeenschappelijke) eigendom te beschouwen.
"De gemiddelde Belg beperkt zijn aandacht tot de tientallen vierkante meters van zijn private eigendom", zegt Vandermeersch. "We mogen er dan wel voor zorgen dat onze tuin en ons huis aan onze esthetische eisen en wensen voldoen, wat onze buurman vervolgens met zijn stuk grond doet, is zijn zaak. Op die manier krijg je natuurlijk scenario's waar de bouwstijlen absoluut niet op elkaar aansluiten."
Bovendien haalt Vandermeersch aan dat de ruimtelijke ordening in een land, maar de afspiegeling is van de wettelijke structuren die er in dat land in zwang zijn. "Ruimtelijke ordening valt in België onder de bevoegdheid van een veelvuldigheid aan overheden, en dat heeft zijn weerslag."

DeMorgen 24 april 2014

Is België het lelijkste land ter wereld?
Het was de bekende architect Renaat Braem die ons landje ooit wegzette als het lelijkste dat hij ooit zag. De architectuur in ons land is op z'n minst opmerkelijk te noemen.
'Archibelge' vraagt uitvoerig de mening van onder anderen Hannes Coudenys (auteur van 'Ugly Belgian Houses'), schrijver en regisseur Eric De Kuyper en Geert Van Istendael, auteur en journalist. Op zoek naar de schoonheid van het lelijke.
De docureeks bestaat uit drie delen: Brussel, het platteland en de kust. In elke aflevering gaat men na hoe de Belg er werkt, woont en ontspant, en hoe zich dat vertaalt naar architectuur en ruimtelijke ordening.

Het Parool - review door Han Lips
In de Brusselse verkeersbordenjungle is het Nederlandse bordje afgetapet
'België is een lappendeken, aan elkaar genaaid door gekken,' zei de architect Renaat Braem ooit. Daarmee begon op Canvas de boeiende eerste aflevering van de serie Archibelge - het lelijkste land ter wereld? over de op zijn minst merkwaardig te noemen Belgische architectuur. In de eerste aflevering lag de focus op Brussel, de stad die van koning Leopold II imperiale grandeur moest krijgen; het moest het Belgische zusje van Parijs worden.
De stad kreeg appartementen, maar Brusselaars, gewend aan huizen, vonden dat degradatie. 'Een Brusselaar wil Parijs nabootsen, maar wel een armetierige Brusselaar blijven,' legde schrijver Thierry Demey uit.
Later moest Brussel meer Manhattan worden. Als een idioot stampte men kantoorpanden uit de grond. Tussen 1973 en 1976 verrees er meer dan een miljoen vierkante meter kantoorruimte. Het gevolg: Brussel staat nu vol lege kantoorruïnes. 'Brussel is een modelstad van hoe het niet moet,' was de conclusie. Veel Belgen gebruiken de stad, maar wonen er niet.
Toch waren er Brusselaars die de mogelijkheden van de stad zagen, zoals het groepje dat de wooncommune Brutopia had opgericht. Brussel lijkt daarmee niet op Parijs of New York, maar eerder op het Berlijn van twintig jaar geleden. 'Het is een doe-het-zelfstad,' zei Demey.
Treffend was het beeld van de jungle van verkeersborden waarop het leek dat Franstaligen rechtsom werden gestuurd en Nederlandssprekenden linksom. Alleen was het Nederlandse bordje zo afge​tapet dat de pijl toch naar rechts wees. Het begin is er.

Director

Sofie Benoot (né à Bruges, Belgique) est un jeune réalisatrice prometteuse. Elle a commencé ses études de film documentaire en 2003 à l’institut Saint-Luc à Bruxelles et a obtenu son diplôme Master en Arts Audiovisuels en 2007.
Depuis, elle a investi toute sa passion et son talent dans ses projets très personnels et précieux.
Son film de fin d’études ‘Fronterismo’ (2007) gagnait le prix